Verplichte AOV in 2030, kies nu nog zelf
Advies is wel om nu al te kijken welke AOV bij jou past
Ondernemers hoeven tot 2030 nog geen verplichte verzekering te hebben tegen arbeidsongeschiktheid. Dat verwacht de minister van Werk en Participatie.
Een wetsvoorstel uit 2026 geeft meer duidelijkheid over de verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV) voor ondernemers. In dit artikel vind je de belangrijkste punten van het wetsvoorstel Basisverzekering arbeidsongeschiktheid zelfstandigen .
Het doel van de wet is ondernemers helpen als ze lange tijd hun werk niet kunnen doen, bijvoorbeeld door ziekte. Zo’n wet is er wel voor werknemers met een contract, maar niet voor zelfstandige ondernemers. De regels en het moment waarop de verplichte AOV er komt, staan nog niet vast. Eerst kan de Tweede het voorstel nog aanpassen en erover stemmen. Daarna moet de Eerste Kamer het goedkeuren.
AOV voor ondernemers
Een AOV is een verzekering die uitbetaalt als je voor lange tijd ziek of arbeidsongeschikt wordt. Zo’n verzekering is nu nog niet verplicht voor ondernemers. In het wetsvoorstel staat dat de AOV verplicht wordt voor zelfstandigen die aangifte inkomstenbelasting als doen.
Veel zelfstandigen hebben nu geen . Ze hebben soms andere oplossingen om het financiële risico bij arbeidsongeschiktheid te verminderen.
Premie verplichte AOV
Volgens het voorstel uit 2026 moet je een AOV hebben als je voor de inkomstenbelasting winst uit je hebt. De verplichte AOV geldt niet voor bestuurders van , ondernemers die ook voor een groot deel in loondienst werken, meewerkende echtgenoten en ondernemers die AOW krijgen
Per maand betaal je maximaal zo’n 171 euro voor de AOV. Dat bedrag is gebaseerd op het minimumloon van 2025. De overheid zal dit bedrag de komende jaren aanpassen als het minimumloon stijgt. De premie betaal je aan de Belastingdienst. Je kunt de premie van de belasting. UWV betaalt de uitkering uit als je arbeidsongeschikt wordt.
Wachttijd
Goed om te weten: als je ziek wordt, krijg je de eerste twee jaar geen geld uitbetaald bij de verplichte AOV. Voor deze wachttijd moet je dus zelf nog iets regelen, bijvoorbeeld spaargeld of een schenkkring. Als je zelf een AOV afsluit, kun je kiezen voor een kortere wachttijd. Reken er wel op dat je dan een flink hogere premie betaalt.
Uitkering verplichte AOV
UWV begint volgens het voorstel na twee jaar ziekte met het betalen van de arbeidsongeschiktheidsuitkering. Je krijgt die uitkering maximaal tot je AOW-leeftijd. Je hebt recht op een uitkering als je door een ziekte of handicap niet meer het kunt verdienen. Over de uitkering betaal je belasting. De uitkering is zeventig procent van je belastbare winst en maximaal zo hoog als het minimumloon. Voor werknemers van 21 jaar en ouder is dat 14,71 euro bruto per uur (per 1 januari 2026).
Afmelden voor verplichte AOV
Als je al een AOV hebt, geldt een overgangsregeling. Je kunt je blijven verzekeren via je eigen verzekeraar, maar alleen als de verzekering aan deze voorwaarden voldoet: de eindleeftijd is niet lager dan 55 jaar, de wachttijd is maximaal twee jaar en de verzekering heeft geen beperkte uitkeringstermijn (dus bijvoorbeeld een uitkering van maximaal twee of vijf jaar).
Kom in actie vóór de peildatum
De peildatum is het moment waarop wordt vastgesteld of je al een AOV hebt die onder het overgangsrecht valt. Alleen als je vóór de peildatum een eigen AOV hebt afgesloten, kun je gebruikmaken van overgangsregeling. Het is nog niet duidelijk wanneer de overheid de peildatum bekendmaakt.
Wij als onafhankelijk assurantiekantoor helpen jou graag bij het maken van de juiste keuzes.
Bon: KvK
